Columns Schrijfsels

Een ode aan leuke mannen

BoekenEn nee, dan niet aan de Channing Tatums of Ryan Goslings onder de mannelijkheid. Nee, aan de mannen met sproetjes. Aan de mannen met een brede lach – zo eentje waarbij het hele gezicht meedoet. Inclusief een leuke, scheve tand. Of twee. Aan de mannen met een nonchalante krullenbol. Aan de mannen met een twee-dagen-baardje. Aan de mannen met billen. Aan de mannen met sterke armen, zonder overdreven opgepompt te zijn. Aan de mannen met pretlichtjes in hun ogen. Aan de mannen die zichzelf durven te zijn – alles behalve perfect zijn. Want die zijn toch wel het leukst.

De laatste tijd geniet ik volop van al het mannelijk ‘leuk’ dat er rondparadeert. Ik woon in Leiden, en ik studeer een ‘Geesteswetenschap’. Dat betekent dat er allemaal hipster guys op mijn faculteit te vinden zijn. Met Clarks. Met skinny-achtige broeken. Met nerd-achtige brillen die tegenwoordig weer ‘in’ zijn. Jongens met een goed stel hersens, meestal het talent om te schrijven en een gezicht including serieuze, diepe blikken. En bovenal de gave om geen idee te hebben hoe verrukkelijk leuk ze eigenlijk wel niet zijn. Die. 

De mannen die met een betoverende lach en sprankelende ogen mijn gehele concentratie verstoren. Want wat was ik ook alweer aan het doen? O, oja. Ehh. Bloggen? Nee, nee. Studeren heet dat Stel. Zit ik eindelijk weer een beetje quasi-geconcentreerd naar mijn boeken te staren, stiekem lurkend aan mijn pen (guilty as charged), kijk ik ineens recht in twee knalgroene ogen die zijn verscholen achter twee ronde glazen. “Hay”. Even hap ik naar adem, totdat ik me realiseer dat ik echt wel op een dode vis moet lijken met mijn mond zo open. Of in ieder geval op iets in die richting. “Oh hoi”, stamel ik terug. Vervolgens kan ik mezelf wel voor m’n kop slaan, want ik kwam hoogstwaarschijnlijk noch snugger noch charmant over. Zucht. Hij gaat aan het tafeltje naast mij zitten, haalt een halve boom aan papier uit zijn tas, pakt een rode pen en werkt er rustig doorheen. Even fantaseer ik dat hij zojuist zijn boek heeft afgedrukt en deze nog hier en daar onderzoekt om de laatste kleine foutjes eruit te halen. Ik realiseer me net op tijd dat ik onwijs ongegeneerd zit te staren en sla mijn ogen neer. Niet rood worden nu. Ik verdiep me langzaam in mijn boeken. Als ik opkijk, is meneer verdwenen.

Die mannen intrigeren me. Ik ben eigenlijk gewoon gek op gluren. Ik kijk graag. Ik fantaseer graag over hoe ze boeken schrijven. Over hoe ze met hun rugzakken verre reizen maken. Hoe ze met een analoge camera over het strand paraderen. Hoe hun stemmen klinken. Wat hun interesses zijn. Ik vind het leuk om verhalen te verzinnen ‘achter’ mannen. Maar uiteindelijk romantiseer ik het natuurlijk. Want eh; het zijn en blijven mannen. Onbereikbaar.

Verscheen voor het eerst in het voorjaar van 2015

(Bron)

Leave a Comment

Comments (6)

  1. Gluren is natuurlijk gewoon leuk ;-)
    Ik ken ook een paar nerds die nerd waren voor het hip was trouwens. Mijn man bijvoorbeeld, en mijn broertje … Al heeft die het hip gemaakt volgens mij, hij had op de middelbare school al alle meisjes achter hem aan. Zelfs al riep hij in de brugklas al dat hij theologie ging studeren en dominee ging worden. Juist omdat het hem niets boeide wat anderen van hem dachten, vond iedereen hem leuk haha.

  2. Oh, oh, oh, ik herken dit zo. Ik ben gek op van dit soort hipstermannen, het liefst heb ik ze ook nog muzikaal. Die groene ogen boy klinkt wel heel erg aantrekkelijk, mmm.

  3. ” Aan de mannen met een twee-dagen-baardje. Aan de mannen met billen. Aan de mannen met sterke armen -maar geen spierbundels hoor, brrr-. Aan de mannen met pretlichtjes in hun ogen. Aan de mannen die zichzelf durven te zijn. Aan de mannen die alles behalve perfect zijn. Want die zijn toch wel het leukst.” Laat ik nou zo’n man hebben. Ik zal ‘m eens extra hard knuffelen, want tja, zulke mannen zijn inderdaad het leukst en ik heb de allerleukste! Leuk artikel!